woensdag 16 maart 2016

Gierigaards en verspillers: Divina Commedia: Hel: Canto 7

De gierigaards en verspillers zijn op prachtige manier bij elkaar gebracht in de vierde hellekring. De tegengestelde zondaars kwellen elkaar aldoor. Ze botsen als de golven van de zee in de Straat van Messina. Hier komen 2 golfstromen elkaar tegen.

Voor Dante Vergilius dit zien, moeten ze eerst de vijand Pluto passeren. Hij gromt ze iets onverstaanbaars toe, maar het klinkt dreigend genoeg. Als een held weet Vergilius het monster met zijn woorden te breken. Het monster valt ineen en ze kunnen hem passeren.

Bij de botsing roepen de gierigaards en verspillers elkaar allerlei verwensingen toe:

Zij botsten tegen elkaar en juist bij dat punt
draaien ze elk weer om, terugwentelend,
roepend: “Wat houd jij vast! Wat smijt jij weg?”
Zoo kolkten zij door den duisteren kring in ’t rond
van links naar rechts naar ’t tegenoverliggend punt
hun schimpdeun elkander gedurig toekrijtend; (vs 28-33, Van Delft)

Een treffend beeld om 2 tegengestelde zonden met elkaar te confronteren. Ze komen een paar hebzuchtige pausen en kardinalen tegen. Vergilius merkt op dat deze rusteloze zielen nooit tot rust zullen komen. Al het goud op deze wereld zou niet genoeg zijn om ze tot bedaren te brengen. Hij verwoordt de hebzucht heel treffend.

Het gesprek dat volgt is filosofisch van aard. Dante vraagt zich af wat de macht van wereldse goederen is op de mens. Waarom worden deze zielen zo getroffen door goederen dat de een het bij zich wil houden en de ander het wil verspillen. Het antwoord legt Vergilius bij de beperkte menselijke geest. Hij stelt zich Fortuin voor als een vrouw, met een macht waar de menselijke geest geen vat op heeft.

Het tweetal trekt verder, langs de driftige zielen. In hun blinde drift strijden de zielen tegen elkaar in een poel midden in het moeras van de Styx. Dante en Vergilius slaan het gade en komen als ze om de poel heen zijn gelopen aan bij de voet van een toren.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 7

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Van Delft uit 1920.
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

woensdag 9 maart 2016

De vraatzuchtigen : Divina Commedia: Hel: Canto 6

image

Dante wordt wakker in de volgende kring. Hier vertoeven de vraatzuchtigen. Een voortdurende ijskoude stroom van regen valt naar beneden en kwelt de vervloekte zielen. Of zoals de verteller het beeldend zegt:

Dichte hagel, smerig water en natte sneeuw storten daar uit de donkere lucht neer op de stinkende grond, die alles opneemt. (vs 10-12, Van Dooren)

Het is er een smerige boel. Om verder te komen moeten Vergilius en Dante langs de hellehond Cerberus. Het dier krabt de zielen in deze hellekring, waardoor ze met hun verwondingen nog meer getergd worden in de onophoudelijke stroom van koude neerslag.

Cerberus staat hier symbool voor de vraatzuchtigheid met zijn razende honger. Het monster met de 3 koppen wil ook Dante en zijn begeleider verslinden, maar Vergilius heeft een list: hij gooit de koppen wat van de modderige aarde toe. Het beest hapt toe en het duo passeert de koppen.

De schimmen liggen teneergeslagen in de blubber. Toch richt er 1 ziel zich op. Het is een stadsgenoot van Dante. De gulzigheid heeft hem hier gebracht. Ze spreken over de toekomst, waarbij Ciacco zegt dat de 2 partijen in Florence binnenkort in gevecht met elkaar gaan.

Hij vraagt Dante om zijn naam bekend te maken in de hoop uit deze ellende te komen. Dan zijgt ook de stadgenoot van Dante zich neer in de modder. Het roept bij Dante de vraag op hoe het nu verder gaat met al deze zielen. Vergilius is duidelijk:

Mijn leidsman sprak: ‘Dat hij hier rusten moge
Tot de bazuin der engelen hem wekt.
Men komt de toorn van God pas onder ogen

Als men zijn droeve groeve herontdekt
En daar zijn vlees en botten heeft herkregen
Terwijl zich ’t Oordeel donderend voltrekt.’

Wij liepen door de vuile brij van regen
En ijle schimmen in dat grauw ravijn
Het leven na de dood te overwegen, (vs 94-102; Cialona en Verstegen)

Volgens Vergilius zal bij het laatste oordeel, het eindvonnis geveld worden. Al kan een zondaar nooit volmaakt worden, al verwachten ze na het oordeel volmaakter te zijn. De ingewikkelde discussie die volgt, laat de verteller achterwege. Ze komen aan bij de volgende kring, waar de grote vijand Pluto op hen wacht.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 6

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Cialona en Verstegen uit 2000.
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

woensdag 2 maart 2016

De wellustigen: Divina Commedia: Hel: Canto 5

image

Dante belandt in de vijfde canto in de tweede hellekring. Hier zijn de wellustigen. Ze slingeren in een razende storm rond. Dat verbeeldt de hartstocht waardoor ze zich in het aardse leven meeslepen. Een mooie verbeelding van een straf die verwijst naar de zonde waarvoor ze gestraft worden. Dante weet in zijn Goddelijke komedie heel mooi de link te leggen tussen de zonde en de straf. De straf verwijst vaak naar de zonde, een ‘contrappasso’.

Gestrafte zielen

Terwijl ze in de orkaan worden meegesleurd, jammeren de gestrafte zielen luid. Dante vergelijkt ze met de klaagtonen van de kraanvogels als zij hoog in de lucht vliegen. De zielen worden meegesleurd door de wervelwinden en gillen het uit. Als de wervelwind bij de afgrond komt, is hun geschreeuw ondragelijk.

Vergilius geeft toelichting. Daar buitelen Semiramis, Helena en Cleopatra door de lucht. Schimmen die door de hartstocht uit het leven zijn genomen. Als Dante een stel ziet ronddollen roept hij ze naar zich toe. Hij wil meer van dit liefdespaar te weten komen. Zijn liefdevolle roep haalt ze uit de storm.

liefdesverhaal

Dan volgt een beroemd liefdesverhaal in Dantes Goddelijke komedie. Het is het tragische verhaal van Francesca dit Rimini uit Ravenna. Ze is uitgehuwelijkt aan Gianciotto Malastesta, maar wordt verliefd op zijn veel knappere broer Paulo. Ze worden allebei gedood door Gianciotto als hij het stel betrapt.

De min, die snel in ’t edel hart kan dringen,
Heeft hem voor ’t schoone lichaam dra bevangen,
Mij, ach! geroofd!…, ’t hoe blijft tot afschuw dwingen.

Min, die beminden dwingt tot Min-verlangen,
Greep mij voor hem zoo sterk met welbehagen,
Dat naar gij ziet, ik hem nog aan blijf hangen.

De liefde heeft tot een dood ons gedragen, (Canto V, vs 100-106, Bohl)

De liefde maakt je dwaas, de hartstocht, het verlangen. Francesca vertelt haar fatale liefdesgeschiedenis aan Dante. De liefde ontbrandt bij haar en haar minnaar na het lezen van Lancelot en de liefde. Het verhaal raakt Dante diep. Hij valt flauw, zoals vaker gebeurt als het hem teveel wordt. Daarmee bevat het vijfde canto een van de mooiste liefdesgeschiedenissen uit de literatuur.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 5

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Bohl uit 1876-1884.
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

woensdag 24 februari 2016

Ongedoopten: Divina Commedia: Hel: Canto 4

image

In de vierde Canto is Dante door een diepe slaap bevangen en wordt wakker in de eerste kring van de hel. Hier verblijven de ongedoopten. Omdat ze God niet kenden, zitten ze in dit gedeelte van de hel. Hier raakt Dante een gevoelige snaar van de uitverkiezingsleer. Hij worstelt zichtbaar met dit onderwerp.

Zijn begeleider Vergilius behoort eveneens tot de soort zielen die God niet hebben aanbeden zoals het moet. In die onwetendheid hebben ze niet gezondigd, want kun je zondigen als je het niet weet> In al hun onwetendheid verblijven ze nu hier. Het laat Dante niet onberoerd:

Groote droefheid greep mij ’t hart, toen ik dit hoorde,
Omdat ik menschen wist van groote waarde,
Die in dezen Limbo zwevende waren. (Canto IV, vs 43-45, Bremer)

De uitverkiezing komt vaker terug in Dantes meesterwerk. Het opvoeren van alle ongelovige klassieke en mystieke personages maakt dat hij het onderwerp ook niet kan ontlopen. Het lijkt of hij het niet eens is met deze extreme leer. De leer die kerkvader Augustinus op basis van de zondigheid van de mens stelde.

Op basis van iemand zijn zonde komt hij in de hel. De genade van Jezus kan hem hieruit redden. De mensen die Jezus niet gekend hebben, komen zo per definitie in de hel terecht. Zodoende komen Dante en Vergilius deze zielen in de eerste kring van de hel terecht. De zielen die hier verblijven hebben Jezus nooit gekend en kunnen op basis daarvan nooit in de hemel komen.

Het grote contrast met deze opvatting is Ripheus die in Canto 20 van het Paradijs voorkomt. Ripheus heeft Jezus nooit gekend, maar zou volgens de Aenues van Vergilius tot de zeer rechtvaardigen behoren. Het verbaast Dante wel als hij hem in de hemel tegenkomt.

Daarmee laat Dante in zijn meesterwerk zien dat de uitverkiezingsleer niet zo zwart-wit te trekken is. Of zoals Ripheus zegt in Canto 20 van het Paradijs:

En gij stervelingen, wees voorzichtig in uw oordeel! Want wij hier, die God zien, wij kennen niet eens al zijn uitverkorenen. (Paradijs, Canto 20, vs 133-135, Van Dooren)

Ripheus vindt de beperking van kennis aangenaam. De mens wil graag aansluiten bij Gods wil. Volgens de Trojaan Ripheus is er geen groter geluk voor de mens en daarom laat hij zich graag verrassen.

Hier in de hel maakt Dante van het dichte woud met zielen, een kleine vergadering van alle grote klassieke schrijvers. Ze zijn er allemaal: Homerus, Horatius, Ovidius en Lucanus. Ze lopen een eindje mee en zo praten ze met z’n zessen tot in de ochtend.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 4

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertalingen zijn van F. van Dooren (Amsterdam, 1987) en Bremer (Haarlem, 1940).
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

woensdag 17 februari 2016

Dante, de Arabier

image

Dantes indeling van het hiernamaals

De Goddelijke komedie kenmerkt zich door een uitermate sterke mathematische indeling. In zijn inleiding bij de vertaling van Dantes Divina Commedia schrijft Frans van Dooren over deze uiterst ver doorgevoerde structuur:

[E]en structuur zo evident en doelbewust aangebracht (geprogrammeerd zou men kunnen zeggen) dat het woord architectuur er beter voor op zijn plaats is. (23)

Het boek is een spel tussen de getalsreeksen 3 en 10. Het boek is tot in alle details zo geconstrueerd. Zo is het in 3-en gedeeld (hel, louteringsberg, paradijs). Daarnaast telt elk deel 33 canti. Met de inleiding erbij telt het hele boek 100 canti. Daarbij bestaat elk deel uit 33.000 woorden en komt het totaal – het lijkt bijna toeval – op 100.066 woorden.

Elke strofe is 3-delig en ook inhoudelijk speelt Dante met deze getalsreeksen. Zo verschijnt Beatrice in canto 64 (na 63 canti), waarna nog 36 canti volgen. Het is een spel met het getal 3 waar bijna geen toeval in kan zitten.

Hiernamaals in ringen en lagen

Dante deelt het hiernamaals zelf in de Goddelijke komedie even zorgvuldig in verschillende ringen en lagen aan. Het is gedeeltelijk gebasseerd op een nieuwe denkwijze en gedeeltelijk een oude. Vooral de indeling van de hel in ringen is een fraai staaltje van Middeleeuwse verbeelding.

In zijn boek Waarom de hel naar zwavel stinkt bespreekt de geoloog Salomon Kroonenberg de geologische waarheden in de mythologie. Hij heeft veel aandacht voor de mythische verbeelding van de hel zoals Dante deze beschrijft in zijn Goddelijke komedie. De Utrechtse hoogleraar geologie doet een interessante uitspraakt.

Invloed van de Arabieren

Volgens Salomon Kroonenberg is het beeld van de hel zoals Dante deze schets in zijn meesterwerk, afgeleid van de Arabieren. Lang is gedacht dat het beeld van de hel als trechter uit het brein van Dante is ontsproten. Zelfs veel hedendaagse commentaren lijken dit beeld te willen bevestigen.

Salomon Kroonenberg laat zien dat Dante zijn denkbeeld van de hel in ringen, als een trechter naar beneden, heeft ontleend aan Arabische legenden uit de 9e eeuw. In de Isra reist de profeet Mohammed in 1 nacht naar Jeruzalem. De Mi’raj is de hemelbestijging van de profeet, waarbij de engel Gabriël hem begeleidt.

Hel van cirkelvormige trappen

Ook in deze bronnen bestaat de hel uit cirkelvormige trappen. De diepte van de hel neemt toe met de ernst van de begane zonden. De vondst dat Dante zijn idee ontleend heeft aan de Islam, is niet erg gewaardeerd. Het ongeloof zorgt ervoor dat veel verklaringen nog hierover zwijgen.

In mijn ogen bewijst het dat Dante goed op de hoogte was van verschillende Oosterse denkbeelden. Daarmee wint het boek juist aan kracht. De verbinding van deze wetenschap met de wetenschap van de Grieken en Romeinen versterkt de universaliteit van zijn boek.

Literatuur
De hier gebruikte inleiding is van F. van Dooren bij zijn vertaling van de Goddelijke komedie (Amsterdam, 1987).
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Salomon Kroonenberg: Waarom de hel naar zwavel stinkt, Mythologie en geologie van de onderwereld. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2011. ISBN: 978 90 450 1876 8. 400 pagina’s. Bestel

woensdag 10 februari 2016

De ringen van de hel

image

Dantes hel is opgedeeld in ringen. In het voorportaal zitten de onverschilligen of slappelingen, daarna volgt de dodenrivier de Acharon. Hier voert de klassieke veerman Charon de doden naar het hiernamaals. Bij Dante is het een dringen van mensen om aan boord te kunnen.

Na het voorportaal komen de ringen. De hel is opgedeeld in 9 cirkels die op hun beurt weer zijn opgedeeld in kringen. Overigens gebeurt dit aanvankelijk niet. In de bovenste cirkels zijn veel zondaars gestopt, zoals de onwetenden in de eerste cirkel.

Cirkel van de onwetenden

Deze cirkel van de onwetenden is veruit het grootste en lijkt de meeste zielen te bevatten. Hier komt Dante veel bekenden tegen, zoals de klassieke auteurs als Homerus en de filosofen Socrates en Plato.

Meer de diepte in, worden de zonden ook heftiger. Ook hier speelt Dante een uiterst fijnzinnig spel met de structuur. Zelfs als het gaat om zonden, deelt hij ze fijner en grover in. Zo spelen van de 2e tot en met de 7e cirkel de onmatigen en geweldadigen een rol.

De 8e cirkel

Dan komen Vergilius en Dante dieper in de 8e cirkel die op zijn beurt is opgedeeld in 10 grachten. Hier zitten de bedriegers. Net als in de 9e cirkel. In deze cirkel, vlakbij Lucifer, zitten de verraders, waaronder Judas die Jezus verraden heeft.

Deze uiterst gedetailleerde indeling heeft Dante ontleent uit een aantal legendes rond de profeet Mohammed. De geoloog Salomon Kroonenberg schrijft dit in zijn boek over de mythologie en geologie van de onderwereld: Waarom de hel naar zwavel stinkt.

Lees volgende week het verhaal van Dante de Arabier.

Meer over het Dante-project

woensdag 3 februari 2016

Hellepoort: Divina Commedia: Hel: Canto 3

image

Het derde Canto van Dantes Divinia Commedia opent met het opschrift dat boven de poort staat die het lyrisch ik en de dichter Vergilius ingaan. Het Italiaans weet het indringend te verwoorden:

Per me si va nella città dolente;
Per me si va nell’ eterno dolore;
Per me si va tra la perduta gente. (Canto III, vs 1-3)

Ze stappen in de hel, met een verschrikkelijk bovenschrift. Je hoeft geen Italiaans te kennen om hier de poëtische kracht te lezen. De kracht van de herhaling, maar ook het spel met de taal:

Door mij gaat ge in de droeve stad der smarten.
Door mij gaat ge in het lijden zonder einde.
Door mij gaat ge in de wereld der verdoemden. (Canto III, vs 1-3, Kops)

Dat het er verschrikkelijk moet zijn, is Dante zich heel goed bewust. Zijn begeleider adviseert hem om dat gevoel naast zich neer te leggen. Of zoals Vergilius het zegt:

‘Hier moet men elke angst van zich afzetten, en elke lafheid dient hier dood te zijn.’ (Canto 3, 14/15, Van Dooren)

Ze zijn aangekomen in de voorhel, de plek waar de slappelingen zich bevinden. De slappelingen die zelfs te slap zijn om een plek in de ‘echte’ hel te verdienen. Daarom mogen ze hier hun straf uitzingen. Ze moeten achter een anoniem vaandel aanlopen. Het is een straf die ze daarmee nog slapper maakt dan ze al zijn.

Ze lopen verder naar de doodsrivier Acheron. Hier steekt het mythische figuur Charon de zielen over naar het dodenrijk. Als Charon de enige levende ziel Dante ziet staan, stuurt hij hem weg.

Gelukkig steekt Vergilius daar een stokje voor en haalt de veerman van de dood over om hen allebei mee te nemen. Charon gaat overstag. De doden komen in beweging met Dante en Vergilius:

Gelijk, als ’t najaar door de takken vaart,
Vast één voor één de dorre blâren vallen,
Tot heel hun dos te hoop ligt tegen de aard’:

Zóó Adams schuldig kroost. Zij springen allen
en één voor één, in ’t wachtend vaartuig neer,
Als vooglen waar zij ’t fluitje hooren schallen.
(Canto 3, vs. 112-117, Ten Kate)

Ze varen over het schimmenmeer naar de andere werkelijkheid, de eerste kring van de hel.

Gedichten rond Canto 3

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertalingen zijn van F. van Dooren (Amsterdam, 1987), Kops (3 delen, Utrecht 1929-1930) en van Ten Kate. Ten Kate vertaalde alleen het eerste deel van de Goddelijke komedie in 1876, uitgegeven in Leiden.
Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Terugblik: Paradijs: Canto 22

Ik blikte omlaag door alle zeven sferen, en toen ik de aardbol zag heel in de diepte, zo klein en zo gering, glimlachte ik even. En loof ik ...